Bewonersverhaal #12 – Alice

Alice (69) is in 1984 op de Bruntenhof komen wonen. ‘Ik woonde daarvoor in een ander huis, wat in het bezit was van het Utrechts Monumentenfonds. Ik kende iemand die hier woonde en wist van de bijzondere sfeer. Mevrouw Crone – Markenhof werd mijn buurvrouw. Ze was de weduwe van schrijver C.C.S. Crone ter ere waarvan het beeld in de Bruntenhoftuin staat. Het was een erg lieve vrouw, ze is 7 jaar lang mijn buurvrouw geweest.

Pas later
Alice wist al veel langer van het bestaan van de Bruntenhof. ‘Ik zat vlak in de buurt op de middelbare school, maar op die leeftijd heb je nog niet zo’n oog voor dit soort bijzondere plekken’, vertelt ze glimlachend. Die interesse kwam later, toen Alice eens een borrel had in het gebouw waar nu restaurant Héron zit. ‘Toen viel me de prachtige omgeving ineens op. Dit heeft zeker meegespeeld in mijn keuze later om me in te schijven voor een woning op de Bruntenhof’.

Vriendschappen
Alice geniet van het uitzicht vanuit haar huis, de rust aan de voorkant en de prachtige tuin aan de achterkant. ‘We hebben een klein eigen tuintje en de grote tuin deel je met de andere bewoners, je leeft hier dicht op elkaar en dat vergt wel een speciale manier van samenleven. Er is een spanningsveld maar het is leuk om te merken dat iedereen die hier woont het goed aanvoelt en het belangrijk vindt om op een goede manier samen te leven. Ik vind het zo fijn dat er in de loop der jaren verschillende vriendschappen zijn ontstaan, dat is zo waardevol voor mij. Het is hier gewoon prettig wonen en dat komt ook deels door het vele onderhoud dat het UMF pleegt aan de woningen, dat is erg positief. De laatste jaren is het wel toeristischer en dus drukker geworden, dat gaat nog weleens ten koste van de rust en maakt het soms wel iets lastiger’.

De tuin
Alice komt graag in de tuin. Ze heeft mooie herinneringen aan de samenkomsten en feesten door de jaren heen in de tuin. Het was altijd een leuke diverse mix van mensen en de laatste jaren is er ook weer wat verjonging gaande. ‘Gezellig barbecueën rondom het beeld van Crone, gezellig met elkaar eten aan lange tafels en nu hebben we ook het Bruntenbier dat door een medebewoner wordt gebrouwen met hop uit onze eigen tuin. Dat bier zorgt ook voor verbinding tussen bewoners en dat is erg leuk om mee te maken’.

Tuinkabouter Rob
Alice lacht als ze nog een speciale herinnering ophaalt. ‘Ooit hadden we hier Rob rondlopen, ik noemde hem ‘tuinkabouter Rob’. Hij was de partner van een hofbewoonster en had een heel karakteristiek uiterlijk. Hij had een lange baard, was bioloog en vond het leuk om in de tuin te werken. Als bioloog had hij onderzoek gedaan in IJsland. Op de meest onverwachte momenten hoorde ik dan ineens iemand luid IJslands praten, een bijzondere taal om te horen. Dan wist ik, Rob is weer met IJsland aan het bellen’.

Alice wijst op de prachtige grote boom in de hoek van de tuin. ‘Dat is mijn favoriete boom, de Judasboom. Ik ben veel in Griekenland geweest en hij doet mij heel erg denken aan Mediterrane streken. Hij bloeit zo prachtig in de lente, bloemen op het kale hout’. Vlak onder de boom geniet Alice, vaak zittend op één van de bankjes in de tuin. ‘De rust en de verstilling is prachtig hier’.